Waarom kinderen niet uitgespeeld raken met goed open einde speelgoed
Share
"Maar er staat 3+ op. Mijn kleindochter is al vijf." Het was een klein zinnetje dat ik onlangs in de winkel hoorde, maar het bleef nog even hangen.
Want het raakt aan iets waar ik bij Happy Plays heel bewust mee bezig ben: wanneer is speelgoed eigenlijk 'uitgespeeld'?
We kijken als volwassenen vaak naar de leeftijd die op een verpakking staat. 3+, 4+, 6+… en maken daar bijna automatisch een leeftijdscategorie van. Maar bij heel wat speelgoed vertelt dat cijfer vooral vanaf wanneer een product geschikt is. Het zegt veel minder over wanneer een kind erop uitgekeken zal zijn.
En zeker bij goed open einde speelgoed kan daar een behoorlijk groot verschil tussen zitten.

3+ betekent vanaf 3 jaar, niet tot 3 jaar
Neem magneettegels als voorbeeld.
Een driejarige ontdekt misschien vooral dat de tegels aan elkaar klikken. Er worden kleuren bij elkaar gezocht, tegels naast elkaar gelegd en eenvoudige torens gebouwd – die minstens even enthousiast weer worden omgegooid.
Een paar jaar later zien we met exact dezelfde tegels iets helemaal anders gebeuren. Er ontstaat een huis voor de speelfiguren, een garage voor de auto's of een hok voor de dieren.
Nog wat later worden constructies groter en ingewikkelder. Er verschijnen bruggen, symmetrische gebouwen en knikkerbanen. Een kind ontdekt dat een hoge toren een stevigere basis nodig heeft of probeert uit te zoeken waarom een bepaalde constructie telkens opnieuw instort.
Het materiaal is hetzelfde. Het kind is veranderd.
En daardoor verandert ook het spel.
Dat is precies waarom een leeftijdsaanduiding zoals 3+ bij dit soort speelgoed geen houdbaarheidsdatum is. Goed gekozen speelgoed kan veel langer interessant blijven omdat het ruimte laat om op het niveau van het kind te spelen.

Wat is open einde speelgoed eigenlijk?
Open einde speelgoed – je ziet ook vaak de Engelse term open-ended speelgoed – is speelgoed waarbij niet één juiste manier van spelen vastligt.
Er hoeft geen stappenplan gevolgd te worden en er is niet noodzakelijk een eindresultaat dat bereikt moet worden. Het materiaal vormt het vertrekpunt. Het kind bepaalt wat ermee gebeurt.
Een magnetische tegel kan een muur zijn, maar evengoed een dak, weg, raket of onderdeel van een knikkerbaan.
Een speeldoek kan vandaag een cape zijn, morgen het dak van een hut en overmorgen de zee waarin speelgoeddiertjes zwemmen.
Houten loose parts kunnen worden gesorteerd en gestapeld, maar net zo goed veranderen in taartjes in een bakkerij, geld in een winkeltje of ingrediënten voor een zelfbedacht heksendrankje.
En bouwmateriaal zoals Plus-Plus of Clixo kan telkens opnieuw uit elkaar worden gehaald om plaats te maken voor een volgend idee.
Dat betekent overigens niet dat speelgoed met een duidelijke functie minderwaardig is. Een speelgoedauto die gewoon een auto is, kan fantastisch speelgoed zijn.
Open einde speelgoed doet alleen iets anders: het schrijft minder voor.
Als speelgoed minder bepaalt, krijgt een kind meer ruimte
Dat is voor mij misschien wel de essentie.
Wanneer speelgoed niet vertelt wat het moet worden, moet een deel van het spel vanuit het kind zelf komen.
Wat ga ik maken? Hoe krijg ik dit vast? Waarom valt mijn toren om? Kan ik dit op een andere manier proberen? Wat als ik deze materialen combineer?
Tijdens zo'n ogenschijnlijk eenvoudig speelmoment gebeurt er ontzettend veel.
Kinderen gebruiken hun fantasie en creativiteit, maar oefenen tegelijkertijd ook hun ruimtelijk inzicht, fijne motoriek en probleemoplossend denken. Ze proberen iets, merken dat het niet werkt en zoeken een andere oplossing.
Spelen ze samen, dan komen daar nog andere dingen bij. Ideeën uitleggen, rollen verdelen, onderhandelen en samen een plan bedenken bijvoorbeeld.
Niet omdat wij daar als volwassenen een educatieve opdracht van hebben gemaakt.
Gewoon omdat het ontstaat tijdens het spelen.

Meer speelgoed is niet noodzakelijk meer spel
Open einde spelen vraagt trouwens niet om een kamer vol materiaal.
Integendeel.
Soms kan één materiaal op een andere manier aanbieden al voldoende zijn om nieuw spel uit te lokken.
Zet de magneettegels eens naast de speelgoeddiertjes. Leg een speeldoek bij de houten figuren. Combineer loose parts met klei. Zet een paar transparante materialen bij een lichttafel. Geef een eenvoudige bouwuitdaging: kun jij iets maken waar deze auto onderdoor kan rijden?
Plots wordt materiaal dat al maanden in huis ligt opnieuw bekeken.
Dat is ook waarom ik graag kies voor speelgoed dat onderling gecombineerd kan worden. Naarmate een verzameling groeit, ontstaan niet alleen meer spullen, maar vooral meer verbindingen tussen die spullen.
Een magneettegel hoeft niet alleen met andere magneettegels gebruikt te worden. Het kan de muur worden rond een wereld van dieren, een bed voor een poppetje of de basis voor een sensorische speelwereld.

Welk open einde speelgoed past bij mijn kind?
Er bestaat gelukkig geen lijstje dat voor ieder kind hetzelfde is.
Het ene kind kan uren bouwen, terwijl een ander helemaal opgaat in kleine fantasiewerelden. Sommige kinderen houden van sorteren en patronen maken. Andere willen vooral voelen, bewegen, experimenteren of verhalen bedenken.
Daarom kijk ik liever naar wat een kind graag doet dan alleen naar de leeftijd op de doos.
Een paar categorieën die zich bijzonder goed lenen tot open einde spelen zijn bijvoorbeeld:
- Magneettegels, zoals Connetix en Cleverclixx, voor bouwen, construeren en experimenteren.
- Loose parts, zoals houten elementen, speelstenen en transparante materialen, om te sorteren, combineren, tellen en verwerken in fantasiewerelden.
- Constructiemateriaal, zoals Plus-Plus en Clixo, waarmee telkens nieuwe creaties kunnen ontstaan.
- Speeldoeken en eenvoudige speelfiguren, die gemakkelijk een andere rol krijgen naargelang het verhaal dat een kind op dat moment bedenkt.
- Sensorische materialen en klei, waarmee kinderen kunnen voelen, scheppen, vullen, vormen en hun eigen speelwereld creëren.
Je hoeft daarbij niet meteen een enorme collectie te kopen. Een goede basis waarmee een kind verschillende kanten uit kan, is vaak een veel interessanter vertrekpunt.

Speelgoed dat met een kind kan meegroeien
Dat brengt me uiteindelijk terug bij dat ene zinnetje in de winkel.
"Maar mijn kleindochter is al vijf."
Voor mij is vijf bij veel open einde speelgoed helemaal niet "al". Soms begint het spel dan juist complexer en interessanter te worden.
De toren die een kind op driejarige leeftijd bouwde, wordt een paar jaar later een kasteel. Daarna misschien een knikkerbaan. Of iets waarvan wij als volwassenen niet eens onmiddellijk begrijpen wat het moet voorstellen.
En dat laatste vind ik eigenlijk minstens zo mooi.
Want speelgoed hoeft een kind niet voortdurend te entertainen. Het mag ook gewoon materiaal zijn waarmee een kind zelf aan de slag kan.
Daarom proberen we bij Happy Plays niet alleen te kijken naar wat speelgoed vandaag kan betekenen, maar ook naar hoeveel ruimte het laat voor morgen.
Het materiaal blijft. Het spel verandert.
Misschien is dat wel één van mijn favoriete eigenschappen van goed speelgoed: dat wij als volwassenen niet vooraf hoeven te weten wat een kind ermee gaat doen.
We hoeven alleen het materiaal aan te reiken.
De rest mogen zij bedenken.